Cookies

Deze website maakt gebruik van cookies -

Koersthema Talentagenda

Themas koersplan banners5

Aafke Osse | projectleider & Tanja Donkersloot | lid programmateam

Talenten beter benutten en een omgeving creëren waarin samen leren vanzelfsprekend is. Dát is het doel van de Talentagenda, een thema van het CVO Koersplan 2024-2028. Projectleider Aafke Osse en beleidsadviseur kwaliteit Tanja Donkersloot leggen uit wat die Talentagenda precies inhoudt. En waarom deze zo belangrijk is voor zowel medewerkers als de kwaliteit van het onderwijs.

Wil je carrière maken binnen het onderwijs, dan is de traditionele stap vaak om leidinggevende te worden. Bij CVO kijken we verder, want groei kan bijvoorbeeld ook door verdieping of verbreding. Tanja, die twintig jaar als wiskundedocent voor de klas stond, benadrukt het belang van inzicht in deze mogelijkheden: Wat als je niet per se leidinggevende wilt worden?’ Met de Talentagenda maken we die opties zichtbaar, zodat medewerkers beter inzicht krijgen in hun loopbaanontwikkeling. De Talentagenda richt zich op alle medewerkers, maar vooral op docenten en onderwijsassistenten. Tanja: het is belangrijk dat we kansen bieden die aansluiten bij wat zij kunnen en willen. Zo blijft CVO aantrekkelijk voor nieuw talent én houden we ervaren collega’s vitaal en gemotiveerd.’

Horizontale loopbaanpaden

De Talentagenda bestaat uit drie deelprogramma’s die elkaar versterken. Het eerste deel richt zich op loopbaanpaden en competentieprofielen. Aafke: ‘We willen vooral meer horizontale loopbaanpaden ontwikkelen en de waarde van vakmanschap versterken.’

Een belangrijk speerpunt is een nieuwe CVO-gesprekscyclus die momenteel vanuit het strategisch HR-beleid CVO-breed wordt ontwikkeld. ‘Leerkrachten moeten structureel de ruimte krijgen om wensen, ambities en ontwikkelkansen te bespreken en daarover concrete afspraken kunnen maken’, vervolgt Aafke. De loopbaanpaden die we in de Talentagenda willen ontwikkelen ondersteunen deze gesprekcyclus.’

Bouwen aan een leerinfrastructuur

Een tweede deelprogramma van de Talentagenda is de ontwikkeling van een leerinfrastructuur. Tanja: ‘We hebben 37 scholen binnen CVO. Soms zitten twee scholen praktisch naast elkaar, maar kennen de vakgroepen elkaar niet. We willen naar een praktisch en laagdrempelig leernetwerk waarin docenten materiaal kunnen uitwisselen, ervaringen delen of kunnen sparren over de organisatie van bijvoorbeeld een reis naar Praag. Idealiter kunnen collega’s straks met hun profiel makkelijk expertise vinden én zich aanmelden om zelf kennis te delen, bijvoorbeeld via Mijn CVO. Zo benut je de kennis die individuele docenten opbouwen en leer je met en van elkaar.’

Naast zo’n leernetwerk komen er bovenschoolse expertisegroepen rondom specifieke thema’s zoals basisvaardigheden, formatief handelen of AI. Aafke: ‘Docenten in deze expertisegroepen zetten zich in om hun specialistische kennis te verdiepen en te delen. Bijvoorbeeld via trainingen of door in een tijdelijke rol collega’s op andere scholen verder te helpen. Dat verrijkt het beroep van docent én de organisatie als geheel.’

In Kenniswerkplaatsen doen collega’s wetenschappelijk onderzoek zodat er steeds meer evidence-based gewerkt wordt en nieuwe kennis wordt gegenereerd. Via datateams willen we CVO-breed het gebruik van data-analyse aanjagen en ondersteunen.

Talentverhalen delen

Het derde deelprogramma draait om talentverhalen: inspirerende voorbeelden van medewerkers en teams die laten zien hoe talentontwikkeling eruit kan zien. Tanja: ‘Overal binnen CVO gebeurt al veel moois; teams die experimenteren met nieuwe werkwijzen, collega’s die hun talent inzetten in een andere rol, onderwijsassistenten die doorgroeien. Het punt is: dat weten we lang niet altijd van elkaar. Door verhalen te verzamelen en te delen laten we zien wat mogelijk is. Daarmee inspireren we anderen om ook in actie te komen.’ Deze verhalen verschijnen op de website en via de sociale mediakanalen van CVO.

Andere dynamiek

Het programmateam bestaat uit medewerkers van verschillende scholen en stafafdelingen. Die diversiteit maakt het project rijk vanwege de brede kijk vanuit de verschillende perspectieven. ‘Op school heerst de waan van de dag terwijl je rol binnen dit projectteam meer beschouwend is’, legt Aafke uit. ‘Dat vraagt rust en ruimte. En dat is wennen. Maar juist doordat mensen uit de scholen deelnemen, blijft de praktijk leidend. Anders maak je plannen die niet aansluiten.’ Tanja herkent dat. ‘De dynamiek op een school is heel anders. Toch is de combinatie van schoolpraktijk en afstand nemen en reflectie van groot belang. We willen draagvlak voor wat we ontwikkelen en dat lukt alleen als mensen uit de praktijk vanaf het begin betrokken zijn.’

Wat gaat de docent hiervan merken?

Voor veel collega’s is de belangrijkste vraag: wat levert dit mij op? ‘Een cultuur waarin je meer mogelijkheden krijgt om jezelf in de breedte te ontwikkelen’, stellen Aafke en Tanja. Aafke vervolgt: ‘Het is een krachtige impuls voor een lerende organisatie waarin teamleren, feedback geven en samen reflecteren vanzelfsprekender worden. Wat we leerlingen gunnen, leren door terug te kijken, uit te proberen en samen te werken, zouden we ook als professionals vaker met elkaar mogen doen. De Talentagenda is een manier om die beweging te stimuleren’. ‘Op scholen is het nu helemaal niet vanzelfsprekend dat teams met elkaar bespreken wie waar goed in is en hoe je dat kunt verdelen’, vult Tanja aan. ‘Terwijl het zo logisch is: breng kennis en ervaring samen, dan zet je mensen in hun kracht en wordt het onderwijs beter en het werk leuker.’

Impuls met blijvende waarde

De Talentagenda is een project, geen permanente structuur. ‘We zien het als een krachtige motor om iets in beweging te zetten dat blijvend is’, zegt Aafke. ‘De bedoeling is dat alles wat uit dit project voortkomt en werkt, later wordt ingebed in de bestaande organisatie. Bijvoorbeeld bij HR, bij de CVO Academie en op de scholen.’

De eerste stappen zijn gezet: de deelprogrammateams zijn begin september gestart met het ophalen van input uit de scholen, met vragenlijsten en verdiepende interviews. ‘Het gaat er vooral om te achterhalen welke wensen er zijn en wat er al gebeurt aan talentontwikkeling binnen de scholen,’ vertelt Tanja. ‘We willen aansluiten bij wat er al is, niet het wiel opnieuw uitvinden. De komende maanden gaan we de ideeën verder uitwerken en vanaf volgend jaar leveren we de eerste concrete producten op.’

De Talentagenda wekt veel positieve energie op, merken Aafke en Tanja. ‘We zien dat collega’s nieuwsgierig zijn en graag meedenken. Dat is misschien wel het mooiste begin dat je kunt wensen.’

  • Privacy overzicht
  • Noodzakelijke cookies
  • Cookies van derden
  • Aanvullende cookies
  • Privacy en cookies